Beleid
Provinciale Staten (PS) hebben het beleidskader voor verbonden partijen vastgelegd in paragraaf 4.6 van de Financiële verordening provincie Zuid-Holland 2021. Paragraaf 4.6 bevat het kader dat PS aan Gedeputeerde Staten (GS) meegeven voor:
- de beleidsuitgangspunten en de controlekaders;
- het aangaan, wijzigen en beëindigen van een deelneming in een andere publieke of private rechtspersoon;
- de provinciale vertegenwoordiging in verbonden partijen;
- het beheer van verbonden partijen.
PS worden, volgens afspraak, als volgt geïnformeerd:
- Eens per jaar in mei/juni bieden GS een analyse aan van de jaarrekeningen en de zienswijze op de begrotingen van alle publieke verbonden partijen volgens een afgesproken format. Om deze vooraf te bespreken wordt een technische sessie georganiseerd voor de Statenleden, waarin de publieke verbonden partijen verder worden toegelicht.
- Eens per jaar in september/oktober wordt het onderwerp private verbonden partijen in al zijn facetten geagendeerd en met een technische sessie inhoudelijk behandeld. De Statenleden worden hiervoor uitgenodigd. GS bieden PS ook de analyse jaarrekeningen van de private verbonden partijen aan.
Wat hebben we bereikt in 2025 en wat willen we bereiken in 2026?
Hieronder zijn de belangrijkste ontwikkelingen bij de provinciale verbonden partijen kort benoemd.
Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter B.V. (IQ)
- IQ kent 3 businessunits: Investeren, Innoveren en Internationaliseren. Per 1 februari 2025 is er een nieuw Hoofd Investeren aangesteld. In november 2025 hebben de toenmalige Hoofden Innoveren en Internationaliseren een dienstbetrekking elders aanvaard en is er een manager ad interim aangetrokken om aan beide businessunits tijdelijk leiding te geven (en zo mogelijk in de nabije toekomst samen te voegen). Per 1 juli 2025 is bij IQ een nieuwe directeur aangetreden;
- Op dit moment (2026) wordt gewerkt aan een Statutenwijziging /toekomstbestendige governance van IQ, met daarin o.m. voorstellen voor versimpelingen, versnellingen of verbeteringen in het escalatieproces rondom investeringen. Het is de bedoeling dat hierop nog een juridische vertaalslag volgt en de nieuwe Statuten vervolgens in een Aandeelhoudersvergadering (AvA) zullen worden vastgesteld;
- Met IQ hebben sinds 2023 vervolggesprekken plaatsgevonden over de huidige aard en omvang van de exploitatiebijdrage inclusief subsidies en ontwikkeling van de (investering)portefeuille. Het gaat daarbij om het mogen toepassen van een jaarlijkse indexatie voor de bijdragen. Deze gesprekken hebben in 2024 en 2025 een vervolg gekregen en vormen voorlopig een onderwerp dat op de AvA agenda zal blijven terugkeren;
- In 2024 heeft de Randstedelijk Rekenkamer op verzoek van de Randstedelijke provincie Flevoland een algemeen onderzoek ingesteld naar de manier waarop de relatie tussen de Randstedelijke provincies en hun ROM’s (waaronder IQ) is vormgegeven. Hieraan heeft PZH medewerking verleend.
- Een definitief rapport met aanbevelingen is in Q2 2025 opgeleverd en in Q4 2025 in PS besproken. Voor wat IQ betreft heeft dat niet tot wezenlijk nieuwe inzichten geleid.
Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Drechtsteden (ROM-D)
- In 2025 heeft besluitvorming plaatsgevonden om twee grote projecten (risicodragend) vanuit de ROM-D te gaan financieren te weten ‘Voormalig voorterrein PROAV /Kadeontwikkeling 3 e Merwedehaven en “Nedstaal II . Daardoor is op korte termijn geen (vrij beschikbaar) kapitaal voor aanvullende nieuwe projecten;
- In april 2026 heeft de ROM-D aangegeven dat dat de resterende kavels bij ROM-D Kil IIIC.V. met grote zekerheid voor het eind van het jaar zullen zijn verkocht. Dit alles heeft tot gevolg dat de bestuurlijk afgesproken liquidatie van de ROM-D Kil III C.V. mogelijk eind 2026 zal worden voltooid;
- Het voorgaande betekent dat overeenkomstig eerder genomen besluiten kan worden overgaan tot formele afrekening van de beoogde (winst)uitkering aan de vennoten.
PROAV
- De afwerking en inrichting van de voormalige stortplaats Derde Merwedehaven is afgerond. Op deze voormalige stortplaats is een recreatiegebied aangelegd, dat na de formele sluiting zal worden verhuurd aan de gemeente Dordrecht. De afbouw is medio 2024 afgerond;
- PROAV heeft eind 2024 een gedeelte van haar gronden (zijnde het Kade terrein) verkocht en overgedragen aan de gemeente Dordrecht. Met de opbrengst van deze verkoop is de lening van Fonds Nazorg afgelost;
- De middelen ten behoeve van de nazorg van de afvalberging zijn in het verleden opgebracht door de exploitant Derde Merwedehaven B.V. Deze middelen zijn gestort in het provinciaal Nazorgfonds. De kosten van de eeuwigdurende nazorg worden betaald uit het Fonds Nazorg. In 2025 is het benodigde bedrag in het Nazorgfonds bepaald op € 18 miljoen. Daartoe zal de exploitant een aanvullende storting doen.
- Nadat de afvalberging formeel is gesloten en de eeuwigdurende nazorg is overgedragen aan de provincie als bevoegd gezag, kan het Afbouwbedrijf worden ontmanteld;
- Op basis van het voorgaande zijn de vooruitzichten dat de provincie als aandeelhouder PROAV geen reserve of voorziening hoeft te gaan vormen. Het risico op een negatieve stille reserve wordt op nul ingeschat.
Ontwikkelingsmaatschappij het Nieuwe Westland (ONW C.V.)
Voor wat betreft CV Ontwikkelingsmaatschappij het Nieuwe Westland ONW C.V. zullen GS in 2026 in gesprek gaan over het toekomstperspectief van de provincie in dit samenwerkingsverband.
Energie-Innovatiefonds B.V. (ENERGIIQ)
- In 2024 is het fonds ENERGIIQ en het over het fonds gevoerde fondsmanagement (dat door IQ wordt gedaan) periodiek geëvalueerd zoals in de door PS vastgestelde Investeringsstrategie is voorgeschreven. Het evaluatierapport is eind november 2024 opgeleverd en begin februari 2025 in GS aan de orde gekomen. In het evaluatierapport wordt erop aangedrongen om de kwaliteit van de managementrapportages (w.o. ter zake impactmeting) te verbeteren en de personele bezetting van het fondsbeheer op orde te brengen (aangeduid als laaghangend fruit);
- Daarnaast beveelt het rapport aan om de beleidsmatige en financiële gevolgen van de verschillende handelingsperspectieven van het fonds (t.w. 1. stoppen op korte termijn (harde landing), 2. stoppen op middellange termijn (zachte landing) of3. stoppen na einde van de looptijd van het fonds (15 jaar) met optimalisatie van het fondsbeheer) in kaart te laten brengen en vervolgens een keuze te maken over de verdere toekomst van het fonds en fondsmanagement. GS hebben IQ hierop verzocht de verschillende handelingsperspectieven nader uit te werken om vervolgens daarover het gesprek te kunnen voeren met IQ en PS. Het evaluatierapport is half maart 2025 naar PS toegestuurd. Het rapport is herhaaldelijk door PS doorgeschoven en in november 2025 van de agenda gehaald in afwachting van nieuwe ontwikkelingen;
- IQ heeft voormelde drie handelingsperspectieven aangevuld met een vierde handelingsperspectief (t.w. 4. verlenging van de looptijd van het fonds met 5 jaar) en ook met een vijfde handelingsperspectief om in plaats van nieuwe investeringen binnen de oorspronkelijke looptijd van het fonds voortaan leningen te verstrekken (5. leningenscenario );
- Medio september 2025 hebben GS de handelingsperspectieven 1 en 2 terzijde geschoven nu deze beleidsmatig en financieel te nadelig doorwerken. Begin maart 2026 zijn de verdere uitwerking/verkenning van de resterende handelingsperspectieven door het fondsmanagement met de betrokken gedeputeerden besproken. In dat kader is voorlopig besloten om te opteren voor een aangepast handelingsperspectief 3 in het kader waarvan het fondsbeheer verder zal worden geoptimaliseerd waardoor de beheerkosten de komende jaren naar beneden kunnen worden bijgesteld (met nog een tussentijds herijkingsmoment in 2028).
- Het fonds heeft in 2024 en in 2025 geen nieuwe investeringen gedaan doch enkel vervolginvesteringen. Het fondsvermogen is uitgezet/gecommitteerd. Daarmee is het fonds in de beheerfase gegaan. De vervolginvesteringen dienen bij te dragen tot een zo'n goed mogelijk financieel positief resultaat. Dit is echter wel met een onzekerheidsmarge omdat het fonds risicodragend investeert (Venture Capital) en een langer termijn karakter heeft. Over het realiseren van de beleidsmatige doelstellingen met in achtneming van de financiële randvoorwaarden van het fonds blijft de provincie met het fondsmanagement in gesprek.
Gemeenschappelijke regeling Grondbank RZG Zuidplas (Grondbank)
- PZH is voor 40% deelnemer in de Grondbank Zuidplas. Voor de ontwikkeling van woningen, bedrijventerreinen en glastuinbouw zijn door de Grondbank in het verleden gronden aangekocht. Op 1 juli 2021 is de Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder ondertekend door de gemeente Zuidplas, de Grondbank en PZH. Sindsdien hebben deze partijen uitvoering gegeven aan de Bestuurlijke Overeenkomst met als doel de integrale gebiedsontwikkeling van het Middengebied van de Zuidplaspolder (hierna: Cortelande);
- De gemeente Zuidplas heeft in mei 2023 aangegeven financieel niet bij machte te zijn om vóór 31 december 2024 alle gronden in één keer over te nemen doch gefaseerd. Hierdoor is een nieuwe situatie ontstaan waarbij is gebleken dat de verlenging van de looptijd van de Grondbank tot de minste financiële gevolgen op korte termijn leidt waarbij een budget-neutrale oplossing nog tot de mogelijkheden behoort;
- In 2024 is de GR-tekst - toegesneden op de Wgr. en de beoogde verlenging van 10 jaar - aangepast en in Q4 2024 door alle betrokken raden en PS goedgekeurd en vastgesteld. De GR is hiermee voor 10 jaar verlengd tot 1-1-2035;
- De gemeente Zuidplas heeft ondertussen het bestemmingsplan voor Middengebied vastgesteld. Rijkswaterstaat en Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard hebben hiertegen beroep ingesteld bij de Raad van State. Hierdoor is een bestuurlijke impasse tussen verschillende overheden ontstaan. Een poging om deze impasse vlot te trekken heeft geleid tot de benoeming van een bemiddelaar (dhr. Kuijken) door de toenmalige minister van VRO;
- In het najaar 2025 is door deze bemiddelaar een eindadvies uitgebracht waaruit blijkt dat met aanvullende maatregelen, waaronder een financiële bijdrage vanuit de Grondbank, de realisatie van de gebiedsontwikkeling Cortelande mogelijk wordt. Hiertoe is een aanpassing van de Koopovereenkomst tussen de Grondbank en de gemeente Zuidplas nodig. Een begrotingswijziging is noodzakelijk gebleken om te kunnen komen tot een aanpassing van de Koopovereenkomst. De begrotingswijziging gaat uit van het in 2026 overdragen van alle bezittingen en schulden van de Grondbank aan de gemeente Zuidplas tegen een koopprijs € 22 miljoen lager dan de boekwaarde op het moment van overdracht. Dit werkt door in de Koopovereenkomst die dan overeenkomstig zal worden aangepast. Rekening wordt gehouden met de kosten voor liquidatie van de Grondbank. Na verkoop en overdracht van de gronden sluit de GR af met een tekort van € 22 miljoen, welk bedrag de deelnemers (naar rato) dienen aan te zuiveren opdat de Grondbank kan worden opgeheven. Een tekort van € 22 miljoen bij de Grondbank betekent concreet dat PZH voor 40% in het verlies bijdraagt, en aldus een financiële bijdrage levert van € 8,8 miljoen. De begrotingswijziging 2026 is recentelijk voor zienswijze aan de raden en Staten aangeboden. PS hebben, overeenkomstig het voorstel van GS, op 26 februari 2026 besloten geen zienswijze in te dienen. Hetzelfde geldt voor de gemeenteraden van Rotterdam en Zuidplas;
- De beroepen bij de Raad van State zullen door Rijkswaterstaat en Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard worden ingetrokken, waardoor de kans op de gebiedsontwikkeling aanmerkelijk toeneemt. De verwachting is dat in het najaar 2026 gekomen wordt tot een onherroepelijk bestemmingsplan en verkoop, levering en overdracht van de gronden, gevolgd door het in liquidatie gaan van de Grondbank.
Gemeenschappelijke regeling Wegschap Tunnel Dordtse Kil (Wegschap)
- Om de realisatie en de instandhouding van de tunnel mogelijk te maken is in het verleden noodzakelijk geweest om naast de tolheffing voor alle passages door de Kiltunnel ook een (forse) jaarlijkse bijdrage aan de drie deelnemers te vragen. Over een periode van bijna 40 jaar gaat het om meer dan € 100 miljoen. Inmiddels is deze jaarlijkse bijdrage nihil. Dit vanwege de voldoende solide financiële situatie op dit moment;
- De toltarieven zijn vanaf 2011 niet meer aangepast. Dit terwijl de reguliere kosten wel zijn gestegen. Daarmee rekening gehouden zijn de tarieven sindsdien in relatieve zin met ongeveer 30% gedaald;
- Mede op basis van de huidige financiële situatie heeft het bestuur aangegeven een stabiele bedrijfsvoering zeer belangrijk te vinden en om die reden de huidige tarieven te willen handhaven. Daarbij geeft men aan de tarieven de komende periode niet te verlagen maar deze ook nadrukkelijk niet te willen verhogen.
Gemeenschappelijke regelingen van de vijf Zuid-Hollandse Omgevingsdiensten
- Op initiatief van de provincie werken de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten vanaf 2021 aan hun toekomstbestendigheid en intensievere samenwerking. In 2024 is vanuit gemeenten en de provincie een bestuurlijke vervolgopdracht gegeven voor deze doorontwikkeling en samenwerking. De vijf diensten hebben een lange termijnvisie en een samenwerkingsprogramma opgesteld die zijn gedeeld met provinciale staten. In het kader daarvan hebben de omgevingsdiensten onder meer een Visie- en Strategiedocument vastgesteld met onderstaande stip op de horizon: “Over vijf jaar werken de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten structureel samen. Ze functioneren als het ware als één dienst voor Zuid-Holland, maar met behoud van de eigen identiteit, cultuur en structuur, inclusief de bestuurlijke aanhaking. We werken structureel samen op prioritaire thema’s, met duidelijk vastgelegde afspraken en een gezamenlijke focus op kwaliteit en innovatie.
- GS hebben op 25 november 2025 de provinciale kaderbrieven voor de begrotingen 2027 van de vijf omgevingsdiensten vastgesteld. Hierin werd aandacht gevraagd voor het versterken van de onderlinge samenwerking tussen de omgevingsdiensten, voor de uitwerking van het IBP VTH en voor de doorwerking van de efficiencymaatregelen als gevolg van de gemeentelijke taakstelling. Bij deze laatstgenoemde maatregelen is het van belang dat ze geen nadelige gevolgen hebben op de gewenste kwaliteit van de uitvoering van het provinciaal takenpakket.
Wijziging van de Wet gemeenschappelijke regelingen
Wijziging Wgr; de Wet gemeenschappelijke regeling (Wgr) is per juli 2022 gewijzigd en er is een aantal instrumenten toegevoegd waarover afspraken in de gemeenschappelijke regelingen (GR-en) moeten worden gemaakt. De wijziging heeft tot doel de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden en PS in relatie tot GR-en te versterken. In de loop van 2026 zullen de laatste gemeenschappelijke regelingen waar de provincie aan deelneemt, zijn geactualiseerd in overeenstemming met de gewijzigde Wgr.
